Zitting van maandag 22 december 2025
1. Goedkeuren notulen 24 november 2025
FEITEN EN CONTEXT
De notulen vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen.
Ze vermelden ook het gevolg dat aan die punten werd gegeven waarover de raad voor maatschappelijk welzijn geen beslissing heeft getroffen.
De notulen maken ook duidelijk melding van alle beslissingen.
JURIDISCHE GRONDSLAG
● artikel 74 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017
● huishoudelijk reglement van de raad voor maatschappelijk welzijn van 28 oktober 2019, laatst gewijzigd op 19 december 2022
ARGUMENTATIE
De notulen van de vergadering van 24 november 2025 liggen ter goedkeuring voor.
FINANCIËLE GEVOLGEN
Geen financiële gevolgen voor het OCMW.
Met algemeenheid van stemmen
Besluit
Enig artikel
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de vergadering van 24 november 2025 goed.
Stemming artikel 1 Sam Verwimp Brigitte Peremans Griet Convens Luc Lievens Jan Luyten Nele Geudens Jens Deliën Guy Daems Jo Laenen Begga Vandeperre Fons Hannes Walter Verbraeken Maries Verachtert Tom Van den Berg Jan Melis Flor Boven Cris Rutten Wim Leeuws Peter Van den Broeck Francis Mertens Bart Beusen Gilberte Hannes Sam Verwimp Brigitte Peremans Griet Convens Luc Lievens Jan Luyten Nele Geudens Jens Deliën Guy Daems Jo Laenen Begga Vandeperre Fons Hannes Walter Verbraeken Maries Verachtert Tom Van den Berg Jan Melis Cris Rutten Wim Leeuws Peter Van den Broeck Francis Mertens Bart Beusen Gilberte Hannes Jan Luyten Jens Deliën Brigitte Peremans Wim Leeuws Fons Hannes Walter Verbraeken Gilberte Hannes Cris Rutten Luc Lievens Francis Mertens Jo Laenen Sam Verwimp Maries Verachtert Griet Convens Tom Van den Berg Peter Van den Broeck Begga Vandeperre Nele Geudens Guy Daems Jan Melis Bart Beusen aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 10 Goedgekeurd
Stemming artikel 2 Sam Verwimp Brigitte Peremans Griet Convens Luc Lievens Jan Luyten Nele Geudens Jens Deliën Guy Daems Jo Laenen Begga Vandeperre Fons Hannes Walter Verbraeken Maries Verachtert Tom Van den Berg Jan Melis Flor Boven Cris Rutten Wim Leeuws Peter Van den Broeck Francis Mertens Bart Beusen Gilberte Hannes Sam Verwimp Brigitte Peremans Griet Convens Luc Lievens Jan Luyten Nele Geudens Jens Deliën Guy Daems Jo Laenen Begga Vandeperre Fons Hannes Walter Verbraeken Maries Verachtert Tom Van den Berg Jan Melis Cris Rutten Wim Leeuws Peter Van den Broeck Francis Mertens Bart Beusen Gilberte Hannes Jens Deliën Luc Lievens Fons Hannes Peter Van den Broeck Begga Vandeperre Gilberte Hannes Jan Luyten Wim Leeuws Jo Laenen Cris Rutten Francis Mertens Walter Verbraeken Tom Van den Berg Brigitte Peremans Griet Convens Guy Daems Nele Geudens Jan Melis Sam Verwimp Bart Beusen Maries Verachtert aantal voorstanders: 14 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 7 Goedgekeurd
Zitting van maandag 22 december 2025
2. Vaststellen meerjarenplan 2026-2031 onderdeel OCMW
FEITEN EN CONTEXT
Op 22 december 2017 keurde het Vlaams Parlement het decreet lokaal bestuur (DLB) goed. Dit decreet bevat de organieke regels voor de gemeenten, de OCMW's en de intergemeentelijke samenwerking. Het decreet lokaal bestuur streeft naar een maximale integratie van het OCMW in de gemeente, waarbij er wel twee aparte rechtspersonen blijven bestaan. Het voorliggend meerjarenplan 2026-2031 is dan ook een geconsolideerd meerjarenplan voor gemeente en OCMW samen.
Besturen maken het meerjarenplan op binnen het regelgevend kader over de beleids- en beheerscyclus voor de lokale en provinciale besturen (BBC). Die regelgeving bepaald de samenstelling en de minimale inhoud van het meerjarenplan. Voor de opmaak van het meerjarenplan 2026-2031 gelden er aangepaste regels, schema's en rekeningstelsels. Dat is een gevolg van twee uitvoeringsbesluiten over BBC, die in 2023 zijn goedgekeurd. Het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2023 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus en het ministerieel besluit van 8 december 2023 tot wijziging van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus.
Het ontwerp van meerjarenplan 2026-2031 werd opgemaakt conform de regels van het aangepaste BBC-besluit. Het ontwerp van meerjarenplan 2026-2031 werd door de algemeen - en financieel directeur in overleg met het managementteam opgesteld. Het managementteam formuleerde op 1 december een gunstig advies over het ontwerp van meerjarenplan.
JURIDISCHE GRONDSLAG
● decreet lokaal bestuur van 22 december 2017
● besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
● besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2023 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
● ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
● ministerieel besluit van 8 december 2023 tot wijziging van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen van de nadere voorschriften van beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
● omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 over de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus
ARGUMENTATIE
Het managementteam geeft positief advies op 1 december 2025:
'Het managementteam is van oordeel dat het voorliggende plan geen gezond financieel perspectief biedt op een termijn langer dan een legislatuur. Het exploitatieresultaat is veel te klein om een normaal investeringsritme te kunnen dragen. Investeringen worden in dit plan betaald door gebruik te maken van de reserves (het gecumuleerd budgettair resultaat), nieuwe leningen en een schuldherschikking, en de verkoop van patrimonium. Dit zijn allemaal middelen die het eind van de legislatuur quasi uitgeput zijn. Om op lange termijn gezond te zijn moet het exploitatieresultaat veel beter. Dat kan alleen door de reguliere inkomsten te vergroten, of door ernstig te besparen op de (reguliere) werking.
In het meerjarenplan zijn twee scenario's ingeschreven die worden onderzocht om dit waar te maken: een sterke afbouw van onze dienstverlening en het bijhorende personeelsbestand is er daar één van, een fusie met een ander lokaal bestuur is het andere scenario.
Het is aan de gemeenteraad om tijdens het eerste jaar van het nieuwe meerjarenplan daarin een definitieve keuze te maken. Op basis van die keuze moet het meerjarenplan worden bijgestuurd, zowel inhoudelijk als financieel. Het exploitatieresultaat moet daarbij verbeterd worden. Zonder ernstige bijsturingen is het mogelijk dat er in de volgende legislatuur geen tot weinig ruimte meer is om investeringen te financieren.
Omdat die keuzes en bijsturingen zijn verankerd in het meerjarenplan brengt het managementteam een positief advies uit over het meerjarenplan.'
Op 5 november 2025 gaf het college van burgemeester en schepenen een toelichting over het ontwerp meerjarenplan 2026-2031 aan de verschillende adviesraden.
De gemeentelijke Sportraad gaf op 18 november 2025 een gunstig advies op het ontwerp meerjarenplan 2026-2031.
De gemeentelijke Cultuurraad gaf op 18 november 2025 een gunstig advies op het ontwerp meerjarenplan 2026-2031.
De gemeentelijke Jeugdraad gaf op 17 november 2025 een gunstig advies op het ontwerp meerjarenplan 2026-2031.
De gemeentelijke Seniorenraad gaf op 7 november 2025 een gunstig advies op het ontwerp meerjarenplan 2026-2031.
Het Lokaal Overleg Kinderopvang diende geen advies in.
Aangezien gemeente en OCMW twee rechtspersonen blijven, dienen de raad voor maatschappelijk welzijn en de gemeenteraad zich in eerste instantie uit te spreken over de vaststelling van het onderdeel OCMW respectievelijk gemeente van het meerjarenplan. Daarna spreekt de gemeenteraad zich uit over de goedkeuring van het onderdeel OCMW.
Het financieel evenwicht van het gezamenlijk meerjarenplan 2026-2031 wordt als volgt samen gevat:
| 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 |
Beschikbaar budgettair resultaat | 4.694.424 | 4.289.290 | 3.217.006 | 1.723.165 | 1.243.485 | 2.059.887
|
Autofinancieringsmarge | 253.492 | 329.970 | 451.896 | 352.760 | 110.229 | 102.663 |
Het overzicht van de kredieten van het OCMW is terug te vinden in de bundel meerjarenplan 2026-2031 op pagina 29.
FINANCIËLE GEVOLGEN
Het meerjarenplan 2026-2031 bepaalt de uitgaven- en ontvangst kredieten voor de komende jaren.
Tussenkomst
Conform artikel 33 § 2 van het huishoudelijk reglement vraagt cd-Meerhout om de volgende vermelding op te nemen in de notulen:
'De fractie cd-Meerhout stemt neen bij het meerjarenplan 2026–2031 om volgende reden:
Wij erkennen dat de financiële uitdagingen waarmee de gemeente geconfronteerd wordt reëel zijn. Als fractie die gedurende meer dan 45-jaar mee bestuur heeft gedragen, ontlopen wij die verantwoordelijkheid niet. Net daarom achten wij het noodzakelijk om dit meerjarenplan kritisch te beoordelen, niet op basis van cijfers alleen, maar op basis van de strategische keuzes die erin vervat zitten.
Onze eerste fundamentele bezorgdheid is het ontbreken van een duidelijke missie en visie. In een periode waarin zware beslissingen worden voorbereid of aangekondigd — zoals afbouwscenario’s, onzekerheid over dienstverlening en het opnieuw benoemen van fusie als denkpiste — mag van een bestuur verwacht worden dat het helder formuleert waar Meerhout voor staat en welke richting men met deze gemeente uit wil. Dit meerjarenplan legt cijfers op tafel, maar laat in het midden wat de gemeente absoluut wil behouden en waar zij bewust in wil blijven investeren. Zonder dat kompas kan dit plan niet als een volwaardig koersdocument worden beschouwd.
Daarnaast stelt onze fractie vast dat het meerjarenplan uitgaat van een beperkt aantal strategische opties, waarbij vooral afbouw van dienstverlening en fusie als mogelijke antwoorden naar voren worden geschoven. Dat staat haaks op een duidelijke politieke belofte om niet te fuseren, én op het principe dat kleinere gemeenten net via doorgedreven samenwerking hun financiële draagkracht en dienstverlening kunnen versterken zonder hun identiteit te verliezen. Door samenwerking niet langer volwaardig als beleidsinstrument te hanteren, worden alternatieven bewust afgesloten en wordt de beleidsruimte van Meerhout kleiner gemaakt.
Het gevolg is een meerjarenplan dat vooral vertrekt van schaarste en scenario’s van wat niet meer kan, in plaats van een positief en samenhangend toekomstverhaal dat zegt hoe Meerhout zelfstandig, leefbaar en financieel gezond kan blijven. Dit plan beheert de achteruitgang, maar biedt onvoldoende richting voor de toekomst.
Tot slot willen wij benadrukken dat het al dan niet goedkeuren van dit meerjarenplan geen louter technisch-financiële beslissing is, maar een beslissing die grote structurele veranderingen voor Meerhout tot gevolg kan hebben, met tastbare gevolgen in het dagelijkse leven van onze inwoners. Helaas ontbreekt in dit meerjarenplan elke houvast om aan te geven in welke richting Meerhout precies zal evolueren, er wordt niet benoemd waar de echte prioriteiten liggen.
De huidige meerderheid is door Vooruit samengesteld met coalitiepartners die voor hen het makkelijkste was en gaven zelf aan tijdens de informele verkennende gesprekken in aanloop naar een coalitievorming dat een stabiele meerderheid met cd-Meerhout het beste zou zijn voor Meerhout. Er is gekozen voor het makkelijkste en niet voor het beste voor Meerhout en zijn inwoners. Deze spijtige keuze straalt duidelijk af uit dit meerjarenplan dat er eigenlijk geen is.
Om al deze redenen kan onze fractie dit meerjarenplan, in zijn huidige vorm, niet goedkeuren en stemmen wij neen.
Meerhout verdient alleen het beste en niet het makkelijkste bestuur.'
Stemming op naam:
Stemming artikel 1
Met 11 stemmen voor (Fons Hannes, Walter Verbraeken, Brigitte Peremans, Jo Laenen, Gilberte Hannes, Cris Rutten, Francis Mertens, Wim Leeuws, Jens Deliën, Jan Luyten en Luc Lievens), 10 stemmen tegen (Jan Melis, Nele Geudens, Peter Van den Broeck, Griet Convens, Maries Verachtert, Sam Verwimp, Guy Daems, Bart Beusen, Begga Vandeperre en Tom Van den Berg)
Stemming op naam:
Stemming artikel 2
Met 14 stemmen voor (Fons Hannes, Walter Verbraeken, Brigitte Peremans, Jo Laenen, Gilberte Hannes, Cris Rutten, Peter Van den Broeck, Francis Mertens, Wim Leeuws, Jens Deliën, Jan Luyten, Begga Vandeperre, Tom Van den Berg en Luc Lievens), 7 stemmen tegen (Jan Melis, Nele Geudens, Griet Convens, Maries Verachtert, Sam Verwimp, Guy Daems en Bart Beusen)
Besluit
De raad voor maatschappelijk welzijn
Artikel 1
Stelt het meerjarenplan 2026-2031 onderdeel OCMW vast.
Artikel 2
Draagt het bestuur op de beleidsdocumenten te publiceren conform het BBC-besluit en de digitale rapportering over te maken aan de toezichthoudende overheid.
Zitting van maandag 22 december 2025
3. Goedkeuren wijziging statuten Welzijnszorg Kempen
FEITEN EN CONTEXT
De algemene vergadering van Welzijnszorg Kempen verklaarde zich in haar zitting van 24 september 2025 akkoord met de stapsgewijze implementatie van het proces en de acties zoals beschreven in de nota 'Toekomstvisie en strategische uitbouw van Welzijnszorg Kempen naar een duurzaam regionaal sociaal beleid'. Welzijnszorg Kempen vraagt nu haar deelgenoten volgende punten uit haar toekomsttraject goed te keuren:
JURIDISCHE GRONDSLAG
● decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 475 tot 495
● statuten Welzijnszorg Kempen, goedgekeurd op 10 februari 2021
ARGUMENTATIE
Welzijnszorg Kempen vraagt haar deelgenoten vier punten van haar toekomsttraject goed te keuren zoals beschreven in de nota 'Toekomstvisie en strategische uitbouw van Welzijnszorg Kempen naar een duurzaam regionaal sociaal beleid'.
FINANCIËLE GEVOLGEN
Geen financiële gevolgen voor het OCMW.
Met algemeenheid van stemmen
Besluit
De raad voor maatschappelijk welzijn
Artikel 1
Keurt de blijvende zelfstandigheid van Welzijnszorg Kempen, weliswaar in versterkte en versterkende synergie met IOK, goed.
Artikel 2
Keurt de statutenwijziging van Welzijnszorg Kempen goed.
Artikel 3
Keurt een weloverwogen en doordachte samenwerking met de participerende vzw's goed.
Artikel 4
Keurt de voorgestelde verhoging van de algemene, geïndexeerde werkingsbijdrage van 1,0899 euro per inwoner naar 2,08 euro per inwoner vanaf 1 januari 2026 goed. Deze werkingsbijdrage zal jaarlijks worden geïndexeerd volgens de algemene index van de consumptieprijzen met basisindex januari 2026.
Zitting van maandag 22 december 2025
4. Goedkeuren bijdrage Veilig Huis
FEITEN EN CONTEXT
Sinds januari 2024 loopt er een proeftuin binnen Spoor 2 bij Veilig Huis, wat een belangrijke stap betekent in het vroegtijdiger intersectoraal werken rond intra-familiaal geweld (IFG). De proeftuin loopt af eind 2025. De politie vraagt een investering van de lokale besturen van Geel, Meerhout en Laakdal om de zinvolle werking binnen Spoor 2 verder te zetten.
Spoor 2 binnen het Veilig Huis biedt kortdurende, intersectorale trajecten aan die gericht zijn op vroegtijdige interventie bij intrafamiliaal geweld. Deze aanpak steunt op nauwe samenwerking tussen diverse partners, waaronder lokale besturen, politie, en hulpverleningsinstanties. Door deze samenwerking wordt escalatie voorkomen en kunnen gezinnen sneller en efficiënter geholpen worden.
Voor professionals in de eerste lijn, waaronder maatschappelijk werkers en lokale politie, biedt Spoor 2 een belangrijke meerwaarde. De casusondersteuner fungeert als centrale contactpersoon en vormt de brug tussen het lokaal bestuur en het Veilig Huis.
Deze investering moet toelaten om structureel en aanklampend te werken, met een duidelijke focus op vroegdetectie en multidisciplinaire opvolging.
De noodzaak tot investering wordt onderschreven door lokale politie, omwille van volgende elementen:
● Aanklampende aanpak: Spoor 2 maakt het mogelijk om gezinnen in kwetsbare situaties vroegtijdig te benaderen, nog vóór er een expliciete hulpvraag is. Dit is cruciaal bij intrafamiliaal geweld, waar betrokkenen vaak terughoudend zijn om zelf hulp te zoeken. Door outreachend te werken, wordt escalatie voorkomen en wordt hulpverlening toegankelijker.
● Intersectoraal overleg en terugkoppeling: De kracht van Spoor 2 ligt in de intersectoraal afgestemde aanpak. Lokale politie en parket, hulpverlening en het lokaal bestuur werken samen rond concrete casussen, wat leidt tot snellere afstemming, betere opvolging en een gedeeld beeld van de situatie. Dit verhoogt de slagkracht van elke betrokken partner.
● Gebruik van WIDA: De introductie van WIDA biedt een belangrijke meerwaarde voor politiediensten en andere partners. Als nieuw digitaal opvolgsysteem maakt WIDA het mogelijk om casussen gestructureerd te monitoren. Dit verhoogt de transparantie, efficiëntie en continuïteit in de casusopvolging.
● Capaciteitsdruk op Spoor 3: Spoor 3 is bedoeld voor de meest complexe dossiers binnen de aanpak van intrafamiliaal geweld. Zonder bijkomende versterking van de aanpak van intrafamiliaal geweld op Spoor 2 blijft het Spoor 3 overbelast en ontoereikend. De huidige inzet van de Vlaamse overheid via het Agentschap Justitie en Handhaving voorziet in 6 VTE casusregie voor de hele regio Kempen, wat neerkomt op gemiddeld 90 dossiers per jaar. Deze capaciteit kan op zichzelf niet tegemoet komen aan de noden die er zijn in de aanpak van intrafamiliaal geweld. Zonder een versterkte basis in Spoor 2 – waar vroegdetectie, begeleiding en doorverwijzing plaatsvinden – blijven problematieken te lang onder de radar en escaleren ze tot complexe situaties die enkel nog via Spoor 3 kunnen worden aangepakt.
Investeringsvoorstel
Om Spoor 2 lokaal te versterken, wordt een investering gevraagd van 1,4 VTE casusondersteuning,
verdeeld rekening houdend met inwonersaantal als volgt:
● 0,85 VTE voor Geel
● 0,34 VTE voor Laakdal
● 0,21 VTE voor Meerhout
Binnen de betrokken politiezone is de bevolking als volgt verdeeld: 61 % woont in Geel, 24 % in Laakdal en 15 % in Meerhout.
De geraamde kost per voltijdse VTE bedraagt:
● € 66 940 (aanwervingskost
● € 6 000 (werkingskost)
● Totaal: € 72 940 per VTE
Een casusondersteuner kan gemiddeld 15 dossiers gelijktijdig behandelen, met een doorlooptijd van 4 tot 6 maanden per dossier. Dit betekent een jaarlijkse capaciteit van 30 tot 45 dossiers per VTE.
Uit het jaarrapport van 2024 blijkt dat gemiddeld 4 individuele personen worden begeleid per dossier. Dit betekent dat op jaarbasis 120 tot 180 personen betrokken in een situatie van intrafamiliaal geweld begeleid worden door 1 VTE.
Het gaat hier om de actieve begeleiding binnen het traject. Daarbovenop volgt een periode van opvolging, waarin Veilig Huis de situatie blijft monitoren. Tijdens deze follow-up wordt nagegaan of er signalen zijn van hernieuwd geweld, zodat tijdig kan worden ingegrepen indien nodig.
Tijdens de actieve begeleiding worden een aantal stappen doorlopen: het bepalen van de trajectdoelstelling, het in kaart brengen van actuele zorgen en risico’s, en het maken van concrete acties en afspraken.
Met elk gezin worden gesprekken gevoerd waarin risico’s en noden worden besproken, geweld bespreekbaar wordt gemaakt, psycho-educatie wordt aangeboden en betrokkenen worden gemotiveerd om in te zetten op hulp en veiligheid. Er is bijzondere aandacht voor de kinderen in het gezin. Gesprekken worden georganiseerd dichtbij het gezin of op huisbezoek (waar mogelijk).
De begeleiding gebeurt in nauwe samenwerking met het netwerk. Betrokken diensten worden geïnformeerd, bevraagd en actief betrokken bij de aanpak. Rollen en verantwoordelijkheden worden afgestemd. Waar nodig wordt ook afgestemd met politie en justitie.
Dit mondt uit in een doelgericht actieplan waarin risico’s en noden worden vertaald naar duidelijke doelen en acties. De casusondersteuner volgt dit plan op en bewaakt de voortgang en eventuele bijsturing.
De casusondersteuner is ook het aanspreekpunt voor advies aan lokale partners en vervult een brugfunctie tussen de lokale zone en de expertise van een Veilig Huis (o.a. wanneer ze een situatie willen aftoetsen in functie van aanpak en/of aanmelding bij Veilig Huis). Omdat de medewerker ook ingebed is in het lokale netwerk kan hij/ zij vanuit deze unieke positie inspelen op lokale noden bij professionals (toelichting/ vorming/ netwerkmomenten verzorgen rond intrafamiliaal geweld en/ of de werking van Veilig Huis)
Scenario’s m.b.t. samenwerking veilig huis
Scenario 1: Geen investering vanuit de lokale besturen
Indien er geen bijkomende middelen worden voorzien door de lokale besturen, kunnen de proeftuinen rond Spoor 2 alsook de lokale overlegtafels niet verdergezet worden. Een gebiedsdekkende werking van het Veilig Huis is dan niet haalbaar.
Scenario 2: Volledige investering vanuit de lokale besturen
Bij volledige financiële engagementen vanuit de lokale besturen kan Spoor 2 volledig uitgerold worden in Geel, Laakdal en Meerhout. Gezinnen krijgen dan toegang tot het volledige aanbod van het Veilig Huis, inclusief vroegtijdige en aanklampende trajecten.
Concrete impact:
● Gezinnen uit Geel, Laakdal, Meerhout kunnen aangemeld worden bij het Veilig Huis. Tijdens triage wordt beslist welk aanbod het meest aangewezen is. Naast de opstart van een spoor 3 traject is ook een opstart van een spoor 2 traject mogelijk.
● Capaciteit: jaarlijks 42 tot 63 dossiers via Spoor 2, (richtinggevend) verdeeld als volgt:
○ Geel: 24–36 dossiers
○ Laakdal: 12–18 dossiers
○ Meerhout: 6–9 dossiers
● De lokale overlegtafel blijft actief en ondersteunt de opvolging van lopende dossiers
De geraamde kost voor 1.4 VTE bedraagt:
● € 93 716 (aanwervingskost)
● € 6 000 (werkingskost)
● Totaal: € 99 716
scenario 3: gedeeltelijke investering vanuit de lokale besturen
Indien een volledige instap nog niet haalbaar is, kan een groeiscenario worden uitgewerkt. Hierbij
engageren de lokale besturen zich om minimaal 50% van de gevraagde personeelsinzet te realiseren
in 2026, met een stapsgewijze uitbreiding richting volledige dekking tegen uiterlijk 2029.
Voorstel voor 2026:
● Inzet van 0,7 VTE casusondersteuning:
○ Geel: 0,4 VTE
○ Laakdal: 0,2 VTE
○ Meerhout: 0,1 VTE
● Capaciteit: jaarlijks 21 tot 32 dossiers via Spoor 2, (richtinggevend) verdeeld als volgt:
○ Geel: 12–18 dossiers
○ Laakdal: 6–9 dossiers
○ Meerhout: 3–5 dossiers
● De lokale overlegtafel kan behouden blijven, afhankelijk van de beschikbare inzet.
De geraamde kost voor 0.7 VTE bedraagt:
● € 46.858 (aanwervingskost)
● € 6.000 (werkingskost)
● Totaal: € 52.858
Voor Meerhout betekent dit: € 7 928,7
Tijdlijn
Jaar | Mijlpaal |
2025 | Besluit gedeeltelijke instap (0,7 VTE) Start werving casusondersteuners |
2026 | Opstart Spoor 2-trajecten in Geel, Laakdal, Meerhout Evaluatie en groeibespreking |
2027 | Uitbreiding VTE's (bijv. + 0,3 VTE) Versterking samenwerking met partners |
2028 | Verdere uitbreiding richting 1,4 VTE Voorbereiding op volledige gebiedsdekking |
2029 | Realisatie volledige investering (1,4 VTE) Volledige inzet Spoor 2 in Geel, Laakdal, Meerhout |
Scenario 4: niet alle lokale besturen van de politiezone investeren
Casusondersteuning binnen spoor 2 wordt enkel aangeboden in gemeenten waar het lokale bestuur
cofinanciering voorziet.
Wanneer niet alle lokale besturen instappen, ontstaat er ongelijkheid in het aanbod: politie kan niet in elk dossier dezelfde aanpak hanteren, terwijl zij wel een groot deel van de aanmeldingen doen.
Om die reden wordt sterk aanbevolen dat politiezones als geheel instappen. Meerdere politiezones kunnen dit ook gelijktijdig doen, wat de werking ten goede komt. Momenteel ligt de vraag tot cofinanciering voor bij alle lokale besturen die nog niet samenwerken met Veilig Huis.
JURIDISCHE GRONDSLAG
● decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 77 en 78 over de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn
● het Vlaamse Decreet van 29 maart 2024 tot oprichting en regeling van de Veilige Huizen.
● beslissing vast bureau van 12 april 2021 betreffende de deelname aan het pilootproject triagetafel
● beslissing vast bureau van 4 april 2022 betreffende het procotolakkoord in het kader van het Family Justice Centre.
ARGUMENTATIE
De werking van spoor 2 binnen Veilig Huis Kempen biedt een antwoord op een grote nood binnen onze politiezone om preventief in te zetten op situaties rond IFG om escalatie te voorkomen.
Gelet op de beperkte financiële mogelijkheden wordt voorgesteld om scenario 3 te volgen, maar op dit moment met een minimale investering te doen, namelijk 0,1 VTE. Eind 2026 kan deze werking geëvalueerd worden om na te gaan of een grotere investering mogelijk is.
FINANCIËLE GEVOLGEN
Er is onvoldoende budget beschikbaar.
Registratiesleutel: GBB2-WEL3/0900-00/649400, Werkingsbijdragen intergemeentelijke dienstverlening sociale dienst
Jaar: 2026 - 2031
Beschikbaar: 60 000 euro
Bedrag: 7 928,70 euro voor 2026
De bijkomende budgetten zullen opgenomen worden in het meerjarenplan 2026 - 2031.
Registratiesleutel: GBB2-WEL3/0900-00/649400, Werkingsbijdragen intergemeentelijke dienstverlening sociale dienst
Jaar: 2026 - 2031
Beschikbaar: 60 000 euro
Bedrag: 7 928,70 euro
Er is een visum vereist en dit werd aangevraagd op 07/11/2025.
Het visum met nummer 2025-66-O werd verleend op 04/12/2025.
Met algemeenheid van stemmen
Besluit
De raad voor maatschappelijk welzijn
Artikel 1
Keurt de investering in Spoor 2 van Veilig Huis goed voor een inzet van 0.1 VTE ten bedrage van € 7 928,70 voor 2026. Er wordt ingezet op de minimale investering zonder groeiscenario.
Artikel 2
Eind 2026 wordt de werking geëvalueerd om na te gaan of een groeiscenario financieel mogelijk is.
Sam Verwimp Brigitte Peremans Griet Convens Luc Lievens Jan Luyten Nele Geudens Jens Deliën Guy Daems Jo Laenen Begga Vandeperre Fons Hannes Walter Verbraeken Maries Verachtert Tom Van den Berg Jan Melis Flor Boven Cris Rutten Wim Leeuws Peter Van den Broeck Francis Mertens Bart Beusen Gilberte Hannes Sam Verwimp Brigitte Peremans Griet Convens Luc Lievens Jan Luyten Nele Geudens Jens Deliën Guy Daems Jo Laenen Begga Vandeperre Fons Hannes Walter Verbraeken Maries Verachtert Tom Van den Berg Jan Melis Cris Rutten Wim Leeuws Peter Van den Broeck Francis Mertens Bart Beusen Gilberte Hannes Jan Luyten Brigitte Peremans Wim Leeuws Cris Rutten Jens Deliën Jo Laenen Francis Mertens Fons Hannes Luc Lievens Walter Verbraeken Gilberte Hannes Maries Verachtert Nele Geudens Griet Convens Jan Melis Guy Daems Sam Verwimp Bart Beusen Begga Vandeperre Tom Van den Berg Peter Van den Broeck aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 3 , aantal tegenstanders: 7 Goedgekeurd
Zitting van maandag 22 december 2025
5. Stopzetten poetsdienst met dienstencheques
FEITEN EN CONTEXT
In het kader van de opmaak van het meerjarenplan werd duidelijk dat er een debat gevoerd moest worden betreffende de kerntaken van de diensten. De poetsdienst met dienstencheques kwam hierbij in het vizier.
De poetsdienst is ooit gestart als aanvulling op thuiszorg. De nabijheid en verbinding met poetsdames in kwetsbare situaties is belangrijk. De insteek van de poetsdienst in Meerhout is ook steeds gericht naar senioren en kwetsbare personen.
Momenteel zijn er 12 actieve poetsdames in dienst bij OCMW Meerhout om thuis te gaan poetsen bij cliënten. Er worden 103 personen in Meerhout wekelijks of tweewekelijks geholpen. Er wordt door het begeleidend personeel een maandelijks een overleg georganiseerd voor alle poetsdames. Dit overleg dient om informatie door te geven, situaties te bespreken, papieren dienstencheques af te geven… . Er zijn 1 maatschappelijk werker en 1 administratief medewerker die deze dienst ondersteunen als begeleidend personeel. Deze ondersteuning is niet voltijds maar behoort tot het bredere takenpakket van beide personen.
Er werd een marktverkenning opgezet om na te gaan of er een andere dienst in aanmerking komt om dezelfde kwaliteitsvolle poetshulp aan te bieden. Hiervoor werden een aantal richtlijnen opgesteld waarbij visie, zorg voor klanten, zorg voor werknemers en zorg voor het lokaal bestuur de belangrijkste toetsstenen waren. Er werden verkennende gesprekken geregeld met 4 organisaties waarbij het zorgaspect aanwezig is. De vier organisaties kregen elk een voorbereidende nota met richtvragen. Er is een vergelijkende nota opgemaakt waarin de informatie van deze vier gesprekken werd opgenomen en vergeleken met elkaar.
Daarnaast is er een motivatienota opgemaakt. In deze nota wordt een samenwerking met Contenti naar voor geschoven. OCMW Meerhout is aandeelhouder van Contenti. Contenti heeft een goede werking in Meerhout waarbij een 20tal poetshulpen tewerkgesteld wordt bij een 100tal klanten. Contenti richt zich ook eerder naar de kwetsbare doelgroepen om hulp te gaan geven. Bovendien maakt Contenti sinds kort gebruik van locaties van het lokaal bestuur om een zitdag te organiseren en vergaderingen voor de poetshulpen. De nabijheid van het begeleidend personeel en organisatie is belangrijk. Contenti is de enige organisatie die een garantie wil geven dat de huidige ploeg van het OCMW samen zal blijven als één team. Contenti organiseert het vaakst overlegmomenten voor de poetshulpen.
JURIDISCHE GRONDSLAG
● De organieke wet van 8 juli 1976, meer bepaald artikel 61.
● Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
ARGUMENTATIE
Het bestaan van 2 organisaties die nauw verwant zijn en dezelfde opdracht hebben binnen hetzelfde werkingsgebied blijkt niet efficiënt te zijn en genereert overbodige uitgaven. Dit leidt soms zelfs tot concurrentie tussen de beide organisatie, o.a. bij de zoektocht naar arbeidskrachten (knelpuntberoep) of het bedienen van klanten in dezelfde gemeente. Het is absurd en inefficiënt dat het OCMW Meerhout in concurrentie moet gaan met een organisatie waar het OCMW zelf aandeelhouder van is.
Het is daarom opportuun om een samenwerkingsverband op te zetten tussen het OCMW Meerhout en
Contenti. Focus op kwetsbare groepen in de samenleving en aandacht voor tewerkstelling van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zijn bij zowel het OCMW als Contenti essentieel om een verschil en meerwaarde te maken naar de privésector toe.
Binnen een grotere organisatie kunnen deze waarden en normen beter bewaakt worden. Opleiding, vorming, training, intervisie en (collectieve en individuele) overlegmomenten kunnen beter gegarandeerd
worden.
Contenti heeft reeds een jarenlange werking in Meerhout en omliggende gemeenten. Het is essentieel om continuïteit te garanderen bij de klanten en poetshulpen. Een groter werkingsgebied biedt meer mogelijkheden in het kader van het opvangen van (al dan niet onverwachte) afwezigheden zowel voor de klanten als voor de poetshulpen. Daarnaast kan het voor sommige poetshulpen zelfs interessanter zijn om in een naburige gemeente gaan werken omdat dit dichterbij huis is.
Er wordt geopteerd voor een samenwerkingsovereenkomst waarbij Contenti als bevoorrechte partner een dienstverlening zal uitvoeren in opdracht van OCMW Meerhout. Een bindende voorwaarde van deze samenwerkingsovereenkomst is de garantie dat elk huidig personeelslid van het OCMW een vast contract krijgt aangeboden en dat klanten kunnen overstappen naar Contenti.
De concrete afspraken van de samenwerkingsovereenkomst moeten nog verder onderhandeld worden.
Contenti zal op termijn fusioneren met Groep Talent. Momenteel heeft OCMW Meerhout nog aandelen in Contenti en zetelt een schepen in het bestuursorgaan en de Algemene vergadering. Op termijn zal de vraag gesteld worden om de aandelen van Contenti te verkopen zodat dit één organisatie kan worden.
Aangezien OCMW Meerhout op dit moment nog aandeelhouder is, kan er een samenwerkingsovereenkomst worden aangegaan om een bepaalde dienstverlening over te nemen.
FINANCIËLE GEVOLGEN
Dit dossier kadert in de besparingsopdrachten opgenomen in het meerjarenplan. Het betreft een effectieve kostenbesparing waarbij er jaarlijks ruim 100.000 euro bespaard zal worden, zowel op loon als randondersteuning (materiaal, software...).
De concrete besparing zal afhankelijk zijn van de startdatum van de samenwerkingsovereenkomst.
Stemming op naam:
Met 11 stemmen voor (Fons Hannes, Walter Verbraeken, Brigitte Peremans, Jo Laenen, Gilberte Hannes, Cris Rutten, Francis Mertens, Wim Leeuws, Jens Deliën, Jan Luyten en Luc Lievens), 7 stemmen tegen (Jan Melis, Nele Geudens, Griet Convens, Maries Verachtert, Sam Verwimp, Guy Daems en Bart Beusen), 3 onthoudingen (Peter Van den Broeck, Begga Vandeperre en Tom Van den Berg)
Besluit
De raad voor maatschappelijk welzijn
Artikel 1: beslist principieel om de werking van een poetsdienst met dienstencheques stop te zetten binnen het OCMW en over te brengen naar Contenti op voorwaarde dat een goede samenwerkingsovereenkomst kan worden uitgewerkt.
Artikel 2 : beslist om een ontwerp van samenwerkingsovereenkomst met Contenti op te maken die later wordt voorgelegd aan de gemeenteraad. De samenwerkingsovereenkomst bepaalt minstens dat Contenti bereid is tot de overname van zowel de huidige personeelsleden als het huidige klantenbestand.
Artikel 3: beslist om bij de overdracht aan Contenti de huidige personeelsleden te verbreken en een verbrekingsvergoeding te voorzien. De personeelsleden zijn vrij te kiezen om al dan niet te starten bij Contenti.
Zitting van maandag 22 december 2025
6. Goedkeuren verlenging samenwerking Foodsavers
FEITEN EN CONTEXT
OCMW Meerhout neemt sinds 2024 deel aan de voedselhub van Foodsavers Kempen voor de bedeling van verse voeding. Deze beslissing werd genomen na een positieve evaluatie van een pilootproject waarbij verschillende elementen van de voedselbedeling uitgetest werden (locatie, tijdstip, ...).
Het eerste samenwerkingsakkoord met Foodsavers werd afgesloten voor één jaar en eindigt op 31 december 2024. Er werd op de raad van 30 december 2024 een verlenging goedgekeurd voor 1 jaar.
Foodsavers heeft nu een nieuwe voorstel uitgewerkt en wil dit graag voor een volledige legislatuur laten goedkeuren.
De financiering en overeenkomst zijn analoog aan de huidige overeenkomst waarin volgende diensten zijn opgenomen:
● Dienstverlening
● ESF+ Stockage en handling
● ESF+ levering
● Herverdeling van voedseloverschotten.
Het voorstel is om de huidige werking verder te zetten en niet uit te breiden naar de levering van ESF+, zoals in onderstaande tabel wordt voorgesteld.
De berekeningen zijn gebaseerd op het inwonersaantal op 1 januari 2025. Deze bedragen zijn inclusief btwen er wordt een jaarlijkse indexatie voorzien op 1 januari (op basis van de gezondheidsindex).
JURIDISCHE GRONDSLAG
● decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikel 78 'De bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn'
● beslissing raad voor maatschappelijk welzijn van 30 december 2024 betreffende de verlenging samenwerking Foodsavers vzw
ARGUMENTATIE
Voedselhulp is nog steeds nodig. twee keer per maand worden een 50 tal gezinnen en alleenstaanden verder geholpen met een divers pakket aan voedsel (verse groenten en fruit, vlees, vis, zuivelproducten...). Voor iedereen die in een financieel precaire situatie zit, is deze hulp een goede ondersteuning.
De samenwerking met Foodsavers vzw verloopt goed. Het voorstel is om deze dienstverlening / hulpverlening te blijven behouden voor de volgende legislatuur.
FINANCIËLE GEVOLGEN
Er is voldoende budget beschikbaar.
Registratiesleutel: 2026/GBB2-WEL1/0900-00/613990/OCMW/RVMW/IP-GE
Jaar: 2026 en volgenden
Beschikbaar: 19 100 euro
Bedrag: 10 891,65 euro
Er is een visum vereist en dit werd aangevraagd op 18/11/2025.
Het visum met nummer 2025-65-O werd verleend op 4/12/2025.
Met algemeenheid van stemmen
Besluit
Enig artikel
De raad voor maatschappelijk welzijn gaat akkoord met een verlenging van de samenwerking
met Foodsavers in het kader van een voedselhub in Meerhout voor de periode van 6 jaar namelijk van 1/1/2026 tot en met 31/12/2031.
Zitting van maandag 22 december 2025
7. Mededelingen
Mededeling
De leden van de raad voor maatschappelijk welzijn hebben geen mededelingen.
Zitting van maandag 22 december 2025
8. Aanvullende agenda
Aanvullende agenda
Er is geen aanvullende agenda.
Zitting van maandag 22 december 2025
9. Mondelinge vragen van de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn
Mondelinge vragen
De leden van de raad voor maatschappelijk welzijn hebben geen mondelinge vragen.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.